Mortier won de prijs met een zin uit zijn roman ‘Godenslaap': "Ik volg de cadans van mijn handschrift en zoek naar de in letters gestolde, kwezelachtige wellust van het meisje dat ik ooit geweest moet zijn, het wicht dat op de drempel van haar adolescentie haar schriftuur even strak aantrok als de dunne lederen veters waarmee ze haar laarsjes dichtreeg - hoe ze het vlees van het woord in de baleinen van de zinsbouw dwong, tot haar eigen lijf vol striemen stond en ze naar uitbraak verlangde."
De winnaar van de Tzum-prijs krijgt een euro voor elk woord. Eerdere winnaars waren Paul Mennes (2002), Jeroen Brouwers (2007) en A. F. Th. van der Heijden (2008).
